Stimuleren supplementen met antioxidanten de groei van longkanker?

Stimuleren supplementen met antioxidanten de groei van longkanker?

foto bij artikel Stimuleren supplementen met antioxidanten de groei van longkanker?

Nieuws onder de loep

In de krant lazen we dat antioxidanten, zoals vitamine E en A en ook veel gebruikte slijmverdunners (acetylcysteïne), de groei van sluimerende kankerhaardjes kunnen aanwakkeren. Rokers met een nog niet ontdekte longkanker zouden gevaar kunnen lopen.

Waar komt dit nieuws vandaan

Onderzoekers van de universiteit van Götheburg onderzochten het effect van een aantal antioxidantia (Vitamine E en acetylcysteïne)op bestaande longgezwelletjes bij muizen. Hetzelfde deden ze met menselijke longkankercellen in proefbuisjes: ze voegden antioxidanten toe (1). De longkankercellen in de proefbuisjes waaraan
antioxidanten waren toegevoegd, gingen sneller groeien en de muizen die antioxidanten gekregen hadden, stierven sneller. De onderzoekers verklaarden dat antioxidanten een ongunstig effect hebben op de natuurlijke verdedigingsmechanismes van cellen, door een molecule te blokkeren die kankercellen vernietigt. Ze wijzen op mogelijk gevaar bij het gebruik van bepaalde antioxidanten. Mensen met COPD (chronisch obstructief longlijden; ‘rokerslong’)gebruiken vaak acetylcysteïne, ook een antioxidant, om de slijmen vloeibaarder te maken, zodat die makkelijker op te hoesten zijn. Heel vaak gaat het om (ex)rokers die dus meer risico lopen op longkanker. De onderzoekers vermoeden dat mensen met COPD die zonder het te weten al een kleine longkanker kunnen hebben, door het gebruik van acetylcysteïne, de groei van deze tumor zouden kunnen aanwakkeren. Er is echter meer onderzoek nodig om dit te bevestigen. Belangrijk is dat deze tests niks zeggen over het ontstaan van kanker, maar enkel gebeurden op
bestaande kankers.

Bron

(1)V. I. Sayin, M. X. Ibrahim, E. Larsson, J. A. Nilsson, P. Lindahl, M. O. Bergo, Antioxidants

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Het onderzoek gebeurde bij proefdieren en op longkankercellen in het laboratorium. De resultaten kan je dus niet zomaar overplaatsen op mensen. Niettemin roept het
gebruik van antioxidanten al langer vragen op. Overzichtstudies dia alle goede studies over het gebruik van deze supplementen samenbrengen, tonen vaak hogere
sterftecijfers bij mensen die ze slikken in vergelijking met mensen die dat niet doen. Uit zo’n recente analyse bljkt dat er zelfs een toegenomen sterfte was bij mensen die beta-carotenen (provitamine A) namen en mogelijk ook bij mensen die vitamine E en vitamine A slikken. Met vitamine C en selenium was dat niet het geval (2). Ook ander onderzoek wijst in die richting: zowel die van het National Cancer Institute (3) als de Harvard School of Public Health in“Antioxidants: Beyond the Hype” (4). Steeds luidt de conclusie: wees voorzichtig met supplementen. Grootschalig onderzoek bestaat niet voor het antioxidant acetylcysteïne.

Conclusie

Toevoeging van antioxidanten stimuleert de groei van longkanker bij proefmuizen en op cellen in het labo. Dat bewijst nog niet dat supplementen met antioxidanten (waaronder vitamines) de groei van longkanker bij mensen aanwakkeren, maar het vormt toch een reden om voorzichtig te zijn met dergelijke pillen. Er bestaan nog andere goede studies die in die richting wijzen. Ook is verder onderzoek nodig om te weten in hoeverre acetylcysteïne bij hoest en COPD wel zo’n goed idee is.

Referenties

(2)Antioxidant supplements for prevention of mortality in healthy participants and
patients with various diseases. Bjelakovic G, Nikolova D, Gluud LL, Simonetti
RG, Gluud C. The Cochrane Library 2012, Issue 3

(3) Decramer MJanssens W. Mucoactive therapy in COPD. Eur
Respir Rev. 2010 Jun;19(116):134-40.

(4) http://www.cancer.gov/cancertopics/factsheet/prevention/antioxidants

klokje bij datum van publicatie} verschenen op 31/01/2014 | Cebam | geschreven door Patrik Vankrunkelsven
Advertenties

Kan goede cholesterol veranderen in slechte?

Kan goede cholesterol veranderen in slechte?

foto bij artikel Kan goede cholesterol veranderen in slechte?

In het nieuws

De zogenaamde ‘goede’ cholesterol zou toch het risico op hart- en vaatziekten kunnen verhogen, zo blijkt uit nieuw onderzoek. Het onderscheid tussen ‘goede’ en ‘slechte’ cholesterol lijkt te simplistisch.

Waar komt dit nieuws vandaan?

Afzettingen van cholesterol in de wand van slagaders leiden tot vernauwingen, waardoor bloed minder vlot doorstroomt en dus minder zuurstof kan aanvoeren. Wanneer de bloedvaten rond de hartspier (kransslagaders) vernauwen door te veel cholesterol, dan kan de hartspier zelf in zuurstofnood geraken met een infarct tot gevolg. Daarom is het zo belangrijk om je cholesterol in de gaten te houden.

Men maakt steeds een onderscheid tussen goede en slechte cholesterol: in beide gevallen gaat het om cholesterol gekoppeld aan een verschillend transporteiwit: HDL respectievelijk LDL. Het complexe HDL-cholesterol, beter gekend als ‘goede’ cholesterol, voert cholesterol weg van de bloedvaten richting lever, terwijl LDL-cholesterol, de ‘slechte’, te veel aan cholesterol stockeert in de bloedvatwand en daar dus vernauwingen veroorzaakt. Dit onderzoek toont nu aan dat HDL-cholesterol soms averechts kan werken. Een onderdeeltje van dit HDL wordt soms geoxideerd door een enzyme aanwezig in de bloedvatwand, en wanneer dat gebeurt wordt de cholesterol niet meer afgevoerd naar de lever, maar blijft ze in de bloedvaten hangen. De ‘goede’ cholesterol wordt in dat geval ‘slecht’. Dit fenomeen ontdekten Amerikaanse onderzoekers in laboratorium- en dierproeven en bevestigden ze in een studie met 627 mensen (1).

De onderzoekers concluderen dat het onderscheid tussen goede en slechte cholesterol de zaken te simpel voorstelt. Ze opperen dat hun bevindingen kunnen leiden tot nieuwe therapieën: door de oxidatie van het onderdeeltje uit HDL tegen te gaan, zou je het slechte kantje kunnen beperken.

Bron

(1) Huang Y, DiDonato JA, Levison BS, et al. An abundant dysfunctional apolipoprotein A1 in human atheroma. Nature Medicine. Published online January 26 2014

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

De onderzoekers voerden een aantal experimenten waarbij ze keken naar de concentratie aan geoxideerd apoA1 in het bloed. ApoA1 is het onderdeeltje van HDL dat goede cholesterol zijn slecht kantje bezorgt. Hoe meer geoxideerd apoA1 in het bloed gemeten wordt, hoe groter het risico op hart- en vaatziekten.

In de bestudeerde patiëntengroep werd een verband gevonden tussen de concentratie aan geoxideerd apoA1 enerzijds en de aanwezigheid van hartziekte en vernauwde kransslagaders anderzijds. Dat toont dat ook zogenaamde goede cholesterol het risico op hart- en vaaktziekten kan verhogen.

Conclusie

Deze studie toont inderdaad aan dat ‘goede’ cholesterol ook een ‘slecht’ kantje heeft en geeft daar nu ook een verklaring voor: een stukje van transporteiwit HDL oxideert, waardoor HDL-cholesterol niet langer goed functioneert. Deze ontdekking verandert echter niets aan de voedingsaanbeveling die stelt dat we verzadigde vetten best zoveel mogelijk beperken.

Referenties

http://www.nhs.uk/news/2014/01January/Pages/Good-cholesterol-can-turn-bad-study-finds.aspx

klokje bij datum van publicatie} verschenen op 29/01/2014 | Cebam | bewerkt door Marleen Finoulst

Omega Pharma lanceert producten gamma voor huisdieren.

Omega Pharma lanceert productgamma voor huisdieren.

De farmagroep Omega Pharma lanceert in de lente van 2014 onder de naam Paravet een gamma producten voor huisdieren. Dat heeft het bedrijf bekend gemaakt. Omega Pharma is met zijn dochtermerk Clémant Thékan, dat bij een overname werd verworven, in Frankrijk al aanwezig op de markt van producten voor huisdieren. Dat was voor het bedrijf aanleiding om de activiteiten ook naar andere landen uit te breiden. Daarbij werd in eerste instantie gekozen voor de Belgische markt. Paravet omvat een lijn geneesmiddelen, zoals producten tegen artrose of haarballen, maar ook hygiënische producten en huisdierverzorgingsartikels , zoals shampoo en tandplakverwijderaars. Het gamma van Paravat zal in de apotheek worden verkocht. Dat betekent een Belgische primeur. Omega Pharma wijst erop dat eigenaars tegenwoordig veel meer bekommerd zijn over de gezondheid van hun huisdieren.

Apotheken Debruyne-Desrumaux is dan ook blij dit gamma weldra te kunnen aanbieden aan hun klanten aanbieden.

schimmelnagels

Schimmelnagels (of onychomycose)Schimmelnagels; symptomen, oorzaken, behandeling en tips

Schimmelnagels zijn teen- of vingernagels die met schimmel geïnfecteerd zijn. Schimmelnagels worden ook wel ‘kalknagels’ genoemd.
Meestal begint de infectie aan de nagelranden die daardoor witgeel, groen of bruin verkleuren. De nagel wordt dik en brokkelig.In een later stadium kan de nagel zelf geheel of gedeeltelijk loslaten. Dit is niet alleen hinderlijk, maar het kan ook pijnlijk zijn. De medische term voor de gele verkleuring en het brokkelig worden van de nagels is onychomycose.

Besmetting

Schimmels zijn bij iedereen op de huid aanwezig. Schimmelnagels ontstaan door dezelfde schimmels, zogeheten dermatofyten, die ook voetschimmel (‘zwemmerseczeem’) kunnen veroorzaken. Vocht en warmte geven de schimmels de kans zich in de huid en nagels te nestelen. Normaal is de nagel te dik om de schimmel door te laten maar nagels die beschadigd zijn, bijvoorbeeld door sporten of door het dragen van te nauwe schoenen, raken wel gemakkelijk geïnfecteerd.
Schimmelinfecties worden over het algemeen vrij ook gemakkelijk overgedragen op andere personen, douche- en badruimtes (ook thuis) zijn mogelijke (her)besmettingsbronnen.
Ook kun je ‘jezelf’ besmetten: het begint vaak met één schimmelnagel en vervolgens raken er meer nagels aangedaan. Het is daarom verstandig om niet onnodig lang met een voetschimmel of een schimmelnagel te blijven lopen.

De ene persoon is gevoeliger voor schimmelinfecties dan de andere. Ook herinfecties gebeuren vaak bij personen die gevoelig zijn voor deze infecties, terwijl de behandeling soms minder goed aanslaat.
Personen die een minder afweer hebben (vb kanker, cortison-gebruik) hebben vlugger last van schimmelinfecties. Ook personen met diabetes en circulatiestoornissen zijn hier zeer gevoelig voor.

 Preventie

• Was uw voeten liefst zonder zeep. Als u toch een keer zeep gebruikt, spoel dan uw voeten daarna goed af zodat er geen zeepresten achterblijven.

• Droog uw voeten goed af, ook tussen de tenen.
• Draag schone, katoenen of wollen sokken en goed ventilerende, niet te nauwe schoenen.
• loop niet op blote voeten, badslippers zijn beter
• gebruik geen houten of kurken vlonders in natte ruimtes – in de naden kunnen zich namelijk schimmelsporen nestelen, ook zijn deze vlonders niet goed schoon te maken

Geheel of gedeeltelijk verwijderen van de schimmelnagel is niet nodig. Wanneer de nagel vervormd of hinderlijk is, kunt u de nagel met een puimsteen of vijl bijwerken. Een lelijk verkleurde nagel kan eventueel met nagellak worden afgedekt.

 Behandeling

Schimmelnagels zijn eigenlijk onschuldig. Daar ze echter andere nagels kunnen besmetten, onesthetisch ogen en eventueel kunnen uitbreiden worden ze best behandeld. Omdat de schimmel meestal aan de onderkant van de nagel zit, en dus slecht bereikbaar is voor medicamenten, is de schimmelnagel lastig te behandelen. Keratine – de belangrijkste bouwstof van de nagel – is vrijwel ondoordringbaar voor de meeste anti-schimmel-preparaten.
Dat betekent dat u drie maanden medicijnen moet innemen. Als u zwanger bent of dat binnenkort wilt worden, of als u borstvoeding geeft, worden deze medicijnen afgeraden. Gedurende de kuur kan de anticonceptiepil minder betrouwbaar zijn.
Het is ook belangrijk dat u tijdens de behandeling met medicijnen een schimmelwerend produkt in uw schoenen strooit. (Schimmels zijn ook dood als men schoenen 1 nacht in de diepvries laat)
Na de kuur duurt het nog enkele maanden voordat de gezonde nagel het aangetaste gedeelte helemaal vervangen heeft.

De behandeling van een schimmelnagel duurt enkele maanden. Indien je in de zomer met open schoenen wenst te lopen … denk er aan, tijdig te beginnen met de behandeling van je schimmelnagel. 

Vraag advies bij je arts of apotheker, die weet het zeker!

Uitgroei van een normale nagel in een half jaar onder behandeling met systemische antimycotica (klik op foto voor vergroting)

Is alcohol minder schadelijk voor vrouwen dan voor mannen?

Is alcohol minder schadelijk voor vrouwen dan voor mannen?

In het nieuws

Een nieuw onderzoek inzake alcoholgebruik bij mannen en vrouwen van middelbare leeftijd toont aan dat stevig drinken het meest schadelijk is voor mannen. Geheugen en snelheid van denken houden beter stand bij de vrouwen.

Waar komt dit nieuws vandaan?

Een Britse studie onderzocht bij ruim 10.000 mensen het effect van alcohol op het geheugen en op andere intellectuele vaardigheden. Mannen tussen 35 en 55 jaar die gedurende 10 jaar meer dan 3 consumpties per dag dronken liepen in hun later leven een verhoogd risico op problemen.

Het onderzoek werd uitgevoerd bij Britse ambtenaren die meer dan 20 jaar gevolgd werden (1). Op drie tijdstippen tussen 1987 en 1997 moesten ze een vragenlijst invullen betreffende hun alcoholgebruik. Tussen 2002 en 2009 ondergingen ze drie keer een reeks intelligentietesten. Mannen die gerapporteerd hadden dat ze dagelijks meer dan 3 glazen bier of wijn dronken, scoorden minder goed op de testen dan zij die minder dronken. Bij vrouwen werd dit effect niet gezien.

Bron

(1) Sabia S, Elbaz A, Britton A, Bell S, Dugravot A, Shipley M, Kivimaki M, Singh-Manoux A. Alcohol consumption and cognitive decline in early old age. Neurology. 2014 Jan 15.

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Het feit dat men zich voor het meten van het alcoholgebruik baseerde op wat mensen zich daarvan herinneren en wat ze bereid zijn hierover toe te geven, zet aan tot voorzichtigheid bij het beoordelen van de studie. De proefpersonen verschillen onderling ongetwijfeld ook in veel meer dan enkel hun alcoholgebruik. Misschien is hun rookgedrag veranderd, hebben ze andere ziektes ontwikkeld of moesten ze medicijnen gaan innemen, alle factoren die een effect kunnen hebben op de intelligentietesten.

Sommige experten schreven het verschillend effect van alcohol bij mannen en vrouwen in deze studie toe aan een beschermend effect van vrouwelijke hormonen. Ze gaan hierbij een grote stap te ver. De beperkingen in de wijze waarop de studie opgezet werd, maakt dat het gevonden verschil louter toevallig kan zijn. Het kan ook het gevolg zijn van andere factoren die niet rechtstreeks met het geslacht te maken hebben. Het is niet uitgesloten dat mannen en vrouwen al dan niet bewust in verschillende mate hun werkelijk alcohol gebruik onder- of overschatten. Het is ook mogelijk dat ze in verschillende mate bereid zijn hun werkelijk alcoholgebruik correct te rapporteren.

Conclusie

Studies die het langetermijneffect van alcohol (of van voeding in het algemeen) op de gezondheid nagaan, moeten steeds met de nodige voorzichtigheid beoordeeld worden. Dat geldt ook voor deze studie. Alleen al door de methodes die ze hanteert, laat ze niet toe om er betrouwbare besluiten uit te trekken. Of alcohol voor vrouwen minder schadelijk is dan voor mannen leert ze ons niet.

 verschenen op 28/01/2014 | Cebam | geschreven door Hans Van Brabandt

vervuilde lucht verergert droge ogen

Vervuilde lucht verergert droge ogen

ARTIKEL | 19 NOVEMBER, 2013 – 15:57

Foto: Imageglobe

De symptomen van het droge-ogensyndroom, een aandoening die wereldwijd miljoenen mensen treft, worden versterkt door luchtverontreiniging.

Inwoners van grootsteden, waar de luchtvervuiling hoger is dan in kleinere steden of op het platteland, lopen een groter risico om het zogenoemde droge-ogensyndroom op te lopen. Dat blijkt uit een studie van de Amerikaanse oogheelkundige organisatie American Academy of Ophthalmology, uitgevoerd in en rond metropolen zoals Chicago en New York. De inwoners zouden drie tot vier keer meer kans lopen op het syndroom, waaraan in België naar schatting anderhalf miljoen mensen in meerdere of mindere mate lijden.

De onderzoekers volgden ruim 600.000 Amerikanen over een periode van vijf jaar (2006-2011). In gebieden waar de luchtverontreiniging beduidend hoger ligt dan gemiddeld, is ook het percentage droge-ogenpatiënten relatief hoog: tussen 17 en 21 procent. Die bevindingen suggereren dat oogheelkundigen zich goed bewust moeten zijn van de huidige of vroegere leefomgeving van mensen met het syndroom.

Een patiënt die lijdt een droge ogen, ook wel Keratoconjunctivitis sicca of KCS genoemd, heeft een verminderde traanproductie. Dat veroorzaakt een jeukerig, soms zelfs branderig gevoel aan de ogen. Ook irritatie bij het dragen van contactlenzen en – ironisch genoeg – excessief tranende ogen behoren tot de symptomen. Activiteiten die een specifieke oogconcentratie vergen, zoals lezen, autorijden, tv-kijken of met de computer werken, zijn extra lastig. In een droge omgeving met veel wind – ook in de vorm van airconditioning – of rook zijn de symptomen het hevigst. (adw)

Vandaag nog ziek als gevolg van de tweede Wereldoorlog?

Vandaag nog ziek als gevolg van de Tweede Wereldoorlog?

In het nieuws

Tot op vandaag zien we effecten van de Tweede Wereldoorlog op de gezondheid. Mensen die de oorlog meemaakten, hebben een grotere kans op hartaandoeningen, diabetes en depressie.

Waar komt dit nieuws vandaan?

Wetenschappers van de universiteit van München schreven een studie (1) op basis van een bevraging van meer dan 20.000 Europeanen. De bevraging was om andere redenen verricht: het SHARE project ondervroeg in 13 Europese landen (waaronder België) mensen van 50 jaar en ouder over hun gezondheid, ouder worden, op pensioen gaan en dergelijke meer. In deze studie staan gegevens over de kindertijd, of mensen al dan niet in oorlogsgebied leefden en of ze bombardementen en dergelijke hadden meegemaakt. De wetenschappers uit München gebruikten deze gegevens om de gezondheidstoestand van mensen te vergelijken uit landen die in 1940-45 in oorlog waren (zoals België en Duitsland) en landen die de dans ontsprongen (bv. Zwitserland en Denemarken).

Naast allerlei verschillen in opleiding en socio-economische levensomstandigheden vond men bij personen die blootgesteld waren aan de oorlogsomstandigheden een toename van de kans op diabetes, hartaandoeningen en depressie. Als mogelijke oorzaken vonden ze in de vragenlijsten een verband tussen het voorkomen van deze aandoeningen en de blootstelling aan vier factoren.

Vooreerst was er honger. In sommige streken was er extreme hongersnood: in Polen bedroeg in 1941 de gemiddelde calorie-inname 930 Kcal. Dat is minder dan de helft van een normale inname.

Ten tweede was er de afwezigheid van een vader: vele jongeren verloren hun vader aan het front, in Duitsland groeide 1 kind op 4 op zonder vader. De jaren daarna was er ook een wanverhouding tussen vrouwen en mannen waardoor miljoenen vrouwen geen partner vonden.

Ten slotte was er onteigening en vervolging. Op vele plaatsen moesten de bewoners vluchten voor de bezetters. In Polen werd een groot stuk bezet door de Sovjet Unie en moesten miljoenen mensen uitwijken naar het Westen. Deze en waarschijnlijk andere trauma’s worden gelinkt aan de toename van ziektes.

Bron

(1) The Effects of World War II on Economic and Health Outcomes across Europe. IRIS KESTERNICH, BETTINA SIFLINGER, JAMES P. SMITH, AND JOACHIM K. WINTER.

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Deze studie gaat voort op getuigenissen en gaat vaak ver terug in het verleden, wat kans geeft op vervorming. Er wordt in deze studie ook niet ingegaan op de mechanismes waarop deze trauma’s de ziektes zouden kunnen veroorzaken. De bevindingen zijn ook niet nieuw. De effecten van oorlog en honger werden reeds vaak onderzocht. Een bekende analyse gebeurde in Nederland over de hongerwinter 1944-45. Op de website http://www.hongerwinter.nl/item.php?id=4&language=NL staat een heldere uitleg en vindt men tientallen publicaties.

Een mooi uitgewerkt voorbeeld is het effect van honger op zwangere vrouwen. In een Amsterdams ziekenhuis zag men tijdens die hongerwinter dat deze vrouwen afvielen in plaats van bijkwamen in gewicht. Dit had desastreuze gevolgen voor hun kind. Deze kinderen liepen in hun latere leven een groter risico op allerlei ziekten; ondermeer op diabetes. In de baarmoeder pasten kinderen zich mogelijk aan aan een zeer laag calorieaanbod en waren ze minder aangepast om later een normaal tot hoog aanbod aan suiker te verwerken.

Ook het blijvend effect van oorlogstrauma’s op mensen is al uitvoerig in studies onderzocht. Een helder voorbeeld daarvan is het wedervaren van Vietnamese vluchtelingen die zich opnieuw gevestigd hadden in Australië (2). Maar ook veel ander onderzoek (3) toont aan dat het blootstellen aan oorlogstraumata een belangrijke voorspeller is van de latere mentale toestand en leidt tot meer depressie, angst en psychosomatische aandoeningen zoals slapeloosheid en rugpijn.

Conclusie

We mogen aannemen dat traumata in oorlogstijd zeer ingrijpend zijn. Zo ook in de Tweede Wereldoorlog. Ze kunnen tot op vandaag psychische letsels veroorzaken bij de overlevenden, zoals depressie en angst. Het effect van ondervoeding op de ongeboren vrucht en op kinderen is veelvuldig onderzocht en het vaker voorkomen van diabetes op latere leeftijd blijkt daaruit. Deze feiten worden bevestigd door bovenstaand onderzoek.

Referenties

(1) The Effects of World War II on Economic and Health Outcomes across Europe. IRIS KESTERNICH, BETTINA SIFLINGER, JAMES P. SMITH, AND JOACHIM K. WINTER.http://www.rand.org/content/dam/rand/pubs/working_papers/2012/RAND_WR917.pdf

Of een recentere versie van deze studie vindt men in: The Review of economics and Statistics. Early Access Posted Online January 8, 2013. (doi:10.1162/REST_a_00353)

(2) Long-term effect of psychological trauma on the mental health of Vietnamese refugees resettled in Australia: a population-based study. Zachary Steel, MPsycha, Prof Derrick Silove, MDa, , Tuong Phan, PhDb, Prof Adrian Bauman, PhDc. Lancet Volume 360, Issue 9339, 5 October 2002, Pages 1056–1062

(3) Mental health consequences of war: a brief review of research findings R. SRINIVASA MURTHY and RASHMI LAKSHMINARAYANA. World Psychiatry. 2006 February; 5(1): 25–30.