Is rode bietensap supergezond?

foto bij artikel Is rode bietensap supergezond?

Nieuws onder de loep

Rode bietensap blijft tot de verbeelding spreken. Dat blijkt uit uw massale interesse in het onderwerp. Is het echt een wonderelixir dat de uithouding en de gezondheid verbetert?

Waar komt dit nieuws vandaan?

De bal ging voor het eerst aan het rollen toen Britse wetenschappers in 2009 vaststelden dat inname van nitraatrijk rode bietensap de uithouding van jonge vrijwilligers verbeterde. Sindsdien is de ‘vergeten groente’ aan een opmars begonnen en haalt rode bietensap geregeld het nieuws. De ene keer als prestatieverbeterend middel, de andere keer als potentieel kankerverwekkende stof. Geen wonder dat veel mensen zich vragen stellen over rode bietensap.

Bron

(1) http://www.gezondheidenwetenschap.be/onderwerpen

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Rode bieten zijn groenten die veel nitraat bevatten, net als selder, rucola, sla, spinazie, radijsjes en peterselie. De gunstige effecten op prestaties en uithouding worden toegeschreven aan het nitraatgehalte. Dit gehalte schommelt in functie van de seizoenen en het licht. Hoe minder licht, hoe meer nitraten. Wintergroenten bevatten daarom meer nitraten dan zomergroenten. Nitraat zelf heeft geen effect op het lichaam: 25% van wat we binnenkrijgen aan nitraat gaat naar de speekselklieren, de rest wordt uitgescheiden via de urine. In de mond wordt nitraat door mondbacteriën omgezet in nitriet. Van het nitriet in het ingeslikte speeksel wordt een gedeelte in de maag omgezet in stikstofmonoxide en opgenomen in het bloed. Stikstofmonoxide heeft gunstige effecten op de gezondheid: het werkt bloeddrukverlagend (goed voor het hart) en verhoogt de natuurlijke bescherming tegen infecties. Daarenboven gaan de energiefabriekjes in de spiercellen (mitochondrieën) zuiniger werken: ze verbruiken minder zuurstof voor dezelfde prestatie. Hoe efficiënter het lichaam met zuurstof omspringt, hoe beter het uithoudingsvermogen. Het is bewezen dat sporters die dagelijks een halve liter rode bietensap drinken (met 250 tot 500 mg nitraat) ietsje beter presteren (vb. op een tijdrit van 4 km zal een fietser die rode bietensap drinkt 2,8% beter presteren). Wie een wedstrijd in het vooruitzicht heeft, drinkt het sap vanaf 6 dagen voor de competitie. Zorg wel dat je rode bietensap koopt met het juiste nitraatgehalte. Er zijn heel wat sapjes op de markt met een laag nitraatgehalte en die hebben geen dergelijk effect.

In de maag wordt nitriet ook gedeeltelijk omgezet in nitrosamines, stoffen met kankerverwekkende eigenschappen. Er is echter nog nooit een verband aangetoond tussen nitraatrijke voeding en kanker. Meer nog, vegetariërs krijgen doorgaans zeer veel nitraten omdat ze veel groenten eten, tot 1000 mg nitraat per dag.

Wanneer je het sap gebruikt om je prestaties te verbeteren, is 500 mg nitraat per dag genoeg. Neem je meer, dan heb je geen extra effect. Je hoeft het ook niet altijd te drinken. Een week voor een sportieve prestatie is voldoende.

Na het drinken van rode bietensap kunnen urine en stoelgang rood kleuren. Dat is onschuldig. Nog een tip: gebruik geen antibacteriële mondspoelmiddelen wanneer je rode bietensap drinkt, want die verhinderen de omzetting van nitraat naar nitriet.

Conclusie

Rode bietensap is een gezonde nitraatrijke drank, die bij voldoende hoge dosis (een halve liter per dag) een licht gunstig effect heeft op sportprestaties en uithouding. Het sap noch de groente zelf verhogen het risico op kanker.

Referenties

http://www.bloso.be/VlaamseTrainersschool/Documents/120401_KUL13_Rode%20bietensap%20-%20Natuurlijke%20energie%20voor%20betere%20sportprestaties.pdf

klokje bij datum van publicatie verschenen op 25/09/2014 | Cebam | geschreven door Marleen Finoulst

Doet media multitasken je grijze hersenmassa krimpen?

foto bij artikel Doet multitasken je grijze hersenmassa krimpen?

Nieuws onder de loep

Telefoneren terwijl je aan je computer werkt, en intussen ook nog naar de radio luisteren of tv kijken. Je hoopt tijd te winnen, maar dat zou wel eens anders kunnen uitdraaien, meldt een krant. Een nieuwe studie stelt dat multitasken de hersenen doet krimpen.

Waar komt dit nieuws vandaan?

Britse onderzoekers recruteerden 75 gezonde universiteitsstudenten die vlot overweg kunnen met multimedia en computertechnologieën. Ze kregen allemaal een vragenlijst over hun persoonlijkheid en over het aantal uren dat ze multitasken; bijvoorbeeld tv kijken en facebook checken op een tablet, sms’en lezen en op de computer werken, bellen en surfen, enzovoort. Alle studenten werden vervolgens in een MRI-scan gelegd waarbij de hersenmassa vergeleken werd. De groep die het hoogst scoorde op ‘media multitasken’ had een significant kleiner volume grijze hersenmassa in één specifiek gebied, namelijk ter hoogte van de voorste hersenschors (1). Wetenschappers vermoeden dat dit gebied te maken heeft met motivatie en emoties, maar zijn niet zeker. Ze vonden ook een correlatie tussen multitasken en het hebben van een extraverte persoonlijkheid. Extraverte mensen multitasken duidelijk meer. Conclusie van de onderzoekers: multitasken met nieuwe technologieën kan in verband gebracht worden met een kleiner volume van grijze hersenmassa in een welbepaalde regio in het brein.

Bron

(1) Loh KK, Kanai R. Higher Media Multi-Tasking Activity Is Associated with Smaller Gray-Matter Density in the Anterior Cingulate Cortex. PLOS One. Published online September 24 2014

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Het gaat om een momentopname: de onderzoekers stellen vast dat er minder grijze massa is bij de frequent multitaskende studenten, maar niet dat die massa gekrompen zou zijn. Om dat te zien, zouden ze meerdere scans moeten nemen om de evolutie in te schatten. Het is evenmin duidelijk waar dit hersengebied precies voor dient, en hoe een grotere of kleinere massa het gedrag kan beïnvloeden van de eigenaar. Daarom is het moeilijk te zeggen of deze vondst relevant is. Meer onderzoek is nodig om dit verschil te kunnen verklaren.

Conclusie

Onderzoekers vinden een verschil in hersenmassa in een welbepaalde regio in het brein bij mensen die veel met media multitasken. Vermits het gaat om een momentopname, is van krimpen geen sprake, want daarvoor moet je een evolutie onderzoeken. Of deze vondst enige betekenis heeft, moet verder onderzocht worden.

Referenties

http://www.nhs.uk/news/2014/09September/Pages/Claims-media-multitasking-shrinks-brain-unproven.aspx

klokje bij datum van publicatie verschenen op 26/09/2014 | Cebam | bewerkt door Marleen Finoulst

Is tomaat goed voor de prostaat?

foto bij artikel Is tomaat goed voor de prostaat?

Nieuws onder de loep

Tomaten eten kan het risico op prostaatkanker verlagen met 20 procent, lezen we op een nieuwswebsite. Dat zou blijken uit een nieuw onderzoek van Bristol University onder bijna 14.000 mannen.

Waar komt dit nieuws vandaan?

Dit nieuw onderzoek maakt deel uit van een grotere studie, namelijk de Britse ‘ProtecT trial’, waaraan 227.300 mannen tussen 50 en 69 jaar oud deelnemen. De studie onderzoekt factoren die kanker kunnen voorkomen. Van deze groep werden gegevens verzameld over levensstijl, eetgewoonte, alcoholinname, medische en familiale voorgeschiedenis, fysieke activiteit, lichaamsgewicht (BMI) en lichaamsbouw. Van alle mannen liet bijna de helft zijn PSA-waarde testen: de bloedtest die een mogelijk verhoogd risico op prostaatkanker aan het licht kan brengen. Elf procent van de geteste mannen had een te hoge PSA-waarde en werd verder onderzocht. In totaal vond men bij 2.939 mannen prostaatkanker. Hun gegevens werden vergeleken met 20.781 mannen zonder prostaatkanker. Ze kregen allemaal bijkomende vragenlijsten en uiteindelijk vulden 1.806 mannen met prostaatkanker en 12.005 mannen zonder prostaatkanker die volledig in. In die vragenlijsten werd uitgebreid gepeild naar wat de mannen het voorbije jaar gegeten hadden en moesten ze ook porties schatten. De onderzoekers hadden vooral oog voor tomaten en afgeleide producten (tomatensaus, pizza, …), omdat er al eerder aanwijzingen waren dat die goed zouden zijn voor de prostaat. Diegenen die iedere week meer dan 10 porties tomaat en/of van tomaat afgeleide producten aten, hadden 18% minder risico om tot de groep met prostaatkanker te behoren in vergelijking met mannen die minder dan 10 porties tomaat of afgeleiden per week aten (1). Daarnaast bleek een dieet met weinig bereide vleesproducten, weinig rood vlees en minstens 5 porties groenten en fruit per dag het risico op prostaatkanker eveneens lichtjes te verminderen. Ook een gezond gewicht en een actieve levensstijl hadden een beperkt gunstig effect.

Bron

(1) Er V, Lane JA, Martin RM, et al. Adherence to dietary and lifestyle recommendations and prostate cancer risk in the Prostate Testing for Cancer and Treatment (ProtecT) trial. Cancer Epidemiology, Biomarkers and Prevention. Published online July 13 2014

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Deze studie vindt een verband tussen een hoge tomaatconsumptie en een verminderd risico op prostaatkanker, maar kan niet bewijzen dat het om een oorzakelijk verband gaat. Het gaat wel om een grootschalige, goed uitgevoerde studie wat de resultaten aannemelijker maken. Anderzijds zijn de bevindingen gebaseerd op subjectieve vragenlijsten (mannen dienden in te vullen wat en hoeveel ze gegeten hadden), wat de resultaten ook kan vertekend hebben.

Eerdere studies vonden al een verband tussen lycopeen, een anti-oxidant in tomaat en afgeleide producten enerzijds en prostaatgezondheid anderzijds.

Conclusie

Deze studie vindt opnieuw een verband tussen een hoge consumptie tomaat en afgeleide producten en een verminderd risico op prostaatkanker, maar het is niet zeker of het hier om een oorzakelijk verband gaat. Ook andere groenten en fruit worden geassocieerd met een lager risico op prostaatkanker. Voorwaarde is wel dat je er iedere dag voldoende van eet en dat volhoudt op termijn.

Referenties

http://www.nhs.uk/news/2014/08August/Pages/Tomato-rich-diet-reduces-prostate-cancer-risk.aspx

klokje bij datum van publicatie verschenen op 01/09/2014 | Cebam | bewerkt door Marleen Finoulst

Is de klassieke voedingsdriehoek achterhaald?

foto bij artikel Is de klassieke voedingsdriehoek achterhaald?

Nieuws onder de loep

Volgens diverse krantenberichten heeft de actieve voedingsdriehoek haar beste tijd gehad. Ze zou achterhaald zijn en zelfs foute boodschappen bevatten.

Waar komt dit nieuws vandaan?

De Hoge Gezondheidsraad werkt aan aanbevelingen om de voedingsdriehoek aan te passen. Dat nieuws heeft geleid tot heel wat commentaren en speculaties over wat er allemaal fout is aan het instrument dat ons al 15 jaar lang in een oogopslag moet leren wat we best eten en drinken, hoeveel ongeveer en wat we beter achterwege laten. Volgens critici zou vlees moeten verhuizen naar de restgroep, krijgen granen een te prominente plaats en is het niet nodig om dagelijks 1,5 liter water te drinken. Om nog maar te zwijgen over melk, waar voedingswetenschappers al enkele jaren over discussiëren. Over de basis van de driehoek, gezond bewegen, is iedereen het dan wel eens.

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

De actieve voedingsdriehoek is gebaseerd op aanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad en de Wereldgezondheidsorganisatie. Een team van voedingsdeskundigen vertaalt deze inzichten in een visueel beeld – in ons land is dat een voedingsdriehoek, in Nederland de Schijf van Vijf, in Engeland de Eatwell Plate, enzovoort. Doel is om een makkelijk overzicht te geven van wat gezonde voeding is.

In zo’n overzicht gaan belangrijke details natuurlijk verloren. Zo kan je aan de kom ontbijtgranen in de voedingsdriehoek niet zien dat het hier ongesuikerde ontbijtgranen betreft, roggevlokken bijvoorbeeld. De gesuikerde varianten, laat staan die met chocolade, honing of andere toevoegingen, horen thuis in de restgroep (de top van de driehoek waarin de voedingsmiddelen zitten die we kunnen missen, zoals ook snoep en alcohol). Bij de voedingsdriehoek hoort daarom altijd nog een deskundige uitleg om details weer te geven. Ook graanproducten, nu fel gecontesteerd, zorgen voor controverse. Het klopt dat witte varianten (wit brood, witte pasta, witte rijst) weinig meerwaarde bieden, maar de onbewerkte en volkoren graanproducten verdienen zeker een plaats: ze bevatten naast koolhydraten ook voedingsvezels, mineralen en vitamines. Over melk bestaat al langer discussie, maar zo lang wetenschappers er niet uit zijn, wordt melk niet uit de driehoek geschrapt.

Kennis over gezonde voeding is voortdurend in beweging. De driehoek werd aangepast in 2000, 2004 en 2012 op basis van veranderde inzichten. Dat gebeurt niet door één persoon, maar door een team van 24 experten, hoofdzakelijk mensen van de opleiding voeding- en dieetkunde. De Hoge Gezondheidsraad werkt op dit moment aan een herziening van de aanbevelingen voor gezonde voeding. Het Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie en Ziektepreventie (VIGeZ) (1) zal de aanpassingen vertalen in samenspraak met wetenschappers van hogescholen en universiteiten.

Conclusie

De actieve voedingsdriehoek wordt geregeld aangepast aan nieuwe wetenschappelijke bevindingen. Een nieuwe update wordt verwacht in 2015 en is wenselijk. De essentie van gezonde voeding zal echter ongewijzigd blijven: eet met mate, kies zoveel mogelijk onbewerkte producten, kijk uit met verzadigde vetten en mijd toegevoegde suikers en zout. Kies groenten en fruit à volonté.

Referenties

(1) http://www.vigez.be/rubrieken/themas/voeding_beweging?item=3330&thema=8

klokje bij datum van publicatie verschenen op 08/09/2014 | Cebam | geschreven door Marleen Finoulst

Kan make-up in de zwangerschap leiden tot astma bij het nageslacht?

foto bij artikel Kan make-up in de zwangerschap leiden tot astma bij het nageslacht?

Nieuws onder de loep

Op ‘No Make Up Day’ lazen we in de krant dat make-up niet zo onschuldig is. Volgens een nieuwe studie zou gebruik van make-up en parfums voor een toename van astma bij kinderen zorgen.

Waar komt dit nieuws vandaan?

Amerikaanse onderzoekers onderzochten urinestalen van 300 zwangere vrouwen van Afrikaanse en Dominicaanse origine die leven in Manhattan en de Bronx in New York. Enkel vrouwen die niet roken, geen drugs gebruikten en regelmatige zwangerschapscontroles hadden, mochten deelnemen. De urine werd verzameld in het derde zwangerschapstrimester en de onderzoekers analyseerden de aanwezigheid van ftalaten. Ftalaten zijn chemische substanties die onder meer gebruikt worden in make-up, parfums, als weekmaker in plastiek en in lijm.

De kinderen van deze 300 vrouwen werden gevolgd tot de leeftijd van 11 jaar. De kinderen van de vrouwen met de hoogste concentraties aan ftalaten in de urine ontwikkelden 70% vaker astma in vergelijking met de kinderen van moeders met de laagste concentraties (1). De diagnose astma werd bevestigd door een arts. De onderzoekers besloten dat hoge blootstelling aan ftalaten in de zwangerschap gepaard gaat met een 70% verhoogd risico op astma bij het nageslacht tot de leeftijd van 11 jaar.

Bron

(1) Whyatt RM, Perzanowski MS, Just AC, et al. Asthma in Inner-City Children at 5-11 Years of Age and Prenatal Exposure to Phthalates: The Columbia Center for Children’s Environmental Health Cohort (PDF, 643kb). Environmental Health Perspectives. Published online September 17 2014

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Het vermoeden dat blootstelling aan ftalaten het risico op astma verhoogt, bestaat al langer. Dit is wel de eerste keer dat dit verband onderzocht werd bij zwangere vrouwen. Dit onderzoek toont inderdaad een verband tussen ftalaten en astma bij kinderen, maar kan niet aantonen dat het hier zou gaan om een oorzakelijk verband. Ftalaten worden onder meer in make-up en in parfums gebruikt, maar waar de ftalaten vandaan kwamen die in de urine van de zwangere vrouwen gevonden werden, is niet bekend.

De idee dat ze afkomstig zijn van make-up en parfums heeft te maken met het type ftalaten waarvoor het verband met astma werd aangetoond. Het gaat namelijk om twee specifieke ftalaten: BBzP en DnBP: deze worden inderdaad gebruikt door de cosmetische industrie in de Verenigde Staten, maar ze zijn verboden in Europa. Met andere woorden, Europese make-up en parfums bevatten deze verdachte ftalaten niet. In de VS worden ze wel al verboden in speelgoed voor kinderen, net als bij ons.

Conclusie

Deze Amerikaanse studie vindt een mogelijk verband tussen blootstelling aan bepaalde ftalaten in de zwangerschap en een risico op astma bij het nageslacht. De ftalaten waarover het hier gaat, mogen niet gebruikt worden in Europese cosmeticaproducten.

Referenties

http://www.nhs.uk/news/2014/09September/Pages/Cosmetic-blamed-for-upped-child-asthma-risk.aspx

klokje bij datum van publicatie verschenen op 23/09/2014 | Cebam | bewerkt door Marleen Finoulst

Is te zoute voeding dodelijk?

foto bij artikel Is te zoute voeding dodelijk?

Nieuws onder de loep

Brood, vleeswaren en kant-en-klaarmaaltijden zijn ware zoutbommen. Volgens een nieuwe studie is de schade die zoute voeding in ons lijf aanricht aanzienlijk. Meer nog; 1 op 10 hartdoden wordt met zout in verband gebracht.

Waar komt dit nieuws vandaan?

Amerikaanse wetenschappers berekenden hoeveel mensen wereldwijd sterven als gevolg van een te hoge zoutconsumptie (1). Daartoe combineerden ze de resultaten van diverse studies: een groep studies die een verband vindt tussen zoutconsumptie en hoge bloeddruk en een tweede groep die de link legt tussen hoge bloeddruk en sterfte door hart- en vaatziekten. Daarnaast werd nog een studie uitgevoerd bij meer dan 100.000 mensen: van diegenen die ongeveer 15 gram zout per dag consumeren (de aanbeveling is maximum 5 gram per dag), hadden er meer hart- en vaatziekten, zoals hartinfarcten en beroertes, en liepen daardoor meer risico op een vroegtijdige dood. Een consumptie van ongeveer 5 gram zout per dag wordt geassocieerd met het laagste risico op vroegtijdige sterfte door hart- en vaatziekten.

Uit alle beschikbare gegevens over zoutconsumptie, bloeddruk en sterfte berekenden de onderzoekers dat zoutreductie de bloeddruk verlaagt, alsook het risico op een vroegtijdige dood door hart- en vaatziekten.

Bron

(1) Mozaffarian D, et al. Global Sodium Consumption and Death from Cardiovascular Causes. New England Journal of Medicine. Published August 14 2014

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

De onderzoekers baseerden hun berekeningen op een zeer grote groep (in totaal 1,65 miljoen sterftes door hart- en vaatziekten wereldwijd), wat de resultaten kracht bij zet. Door studieresultaten te koppelen, besloten ze dat 1 op 10 overlijdens kan geassocieerd worden met te veel zoute voeding. Toch is nooit aangetoond dat een hoge zoutconsumptie een rechtstreekse oorzaak is van vroegtijdige sterfte. Het gaat hier om een onrechtstreeks verband: meer zout eten verhoogt het risico op hoge bloeddruk, en hoge bloeddruk is een risicofactor voor hart en bloedvaten. Overigens is zout slechts één risicofactor voor hoge bloeddruk. Er zijn er nog andere zoals overgewicht, overdreven alcoholconsumptie, te weinig beweging, …

Volgens de richtlijnen van de Belgische Hoge Gezondheidsraad zouden we ons zoutgebruik moeten beperken tot 5 gram per dag. De Belg eet gemiddeld tussen 9 en 10 gram zout per dag; veel te veel dus. Het meeste zout zit in bereide voedingswaren (brood, vlees, gebak, kant-en-klare maaltijden, …) en is moeilijker te vermijden. Om de zoutconsumptie te beperken, geldt als eerste advies om geen extra zout meer toe te voegen aan voedsel dat we zelf bereiden. De kans dat we te weinig zout eten, wat ook niet gezond is voor het hart, is bijzonder klein.

Conclusie

Niet zout, maar hoge bloeddruk verhoogt het risico op hart- en vaatziekten en vroegtijdige sterfte. Een hoge zoutconsumptie verhoogt wel het risico op hoge bloeddruk. Een zoutreductie tot maximum 5 gram per dag is daarom aangewezen, vooral in geval van hoge bloeddruk.

Referenties

http://www.nhs.uk/news/2014/08August/Pages/High-salt-diet-linked-to-over-million-heart-deaths.aspx

klokje bij datum van publicatie verschenen op 18/08/2014 | Cebam | bewerkt door Marleen Finoulst

Verhogen beha’s het risico op borstkanker?

foto bij artikel Verhogen beha’s het risico op borstkanker?

Nieuws onder de loep

Het debat over de gezondheidsrisico’s van beha’s is al 20 jaar aan de gang. Nieuw onderzoek vindt geen verband met borstkanker.

Waar komt dit nieuws vandaan?

Het verhaal dat een beha, vooral een spannend exemplaar, de lymfevaten afklemt, daardoor de afvloei van afvalstoffen verhindert zodat deze zich opstapelen in het borstklierweefsel en het risico op borstkanker verhogen, duikt geregeld op in de media. Een ander gerucht waarvan de oorsprong moeilijk te achterhalen is, is dat borstkanker niet voorkwam ten tijde dat vrouwen nog geen beha droegen.

Amerikaanse onderzoekers hebben zich nog maar eens over deze mythe gebogen (1). Ze vergeleken 1044 postmenopauzale vrouwen (leeftijd tussen 55 en 74 jaar) met borstkanker met een controlegroep van postmenopauzale vrouwen zonder borstkanker. De vrouwen werden uitgebreid bevraagd over hun borsten en beha’s: cupmaat, beha met of zonder beugel, leeftijd bij de eerste beha, aantal dagen per week dat ze een beha dragen,… Daarnaast werden gegevens verzameld over aantal kinderen, lichaamsgewicht, familiale voorgeschiedenis en gebruik van hormoonsubstitutietherapie. De onderzoekers vonden geen verband tussen behagewoonten en borstkankerrisico.

Bron

(1) Chen L, Malone KE, Li C I. Bra Wearing Not Associated with Breast Cancer Risk: A Population-Based Case-Control Study. Cancer Epidemiology Biomarkers and Prevention. Published online September 5 2014

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

De studie heeft een aantal beperkingen. Om zeker te zijn of het dragen van een beha het risico op borstkanker zou kunnen beïnvloeden, zou je het voorkomen van borstkanker moeten kunnen vergelijken tussen vrouwen die altijd een beha dragen en vrouwen die dat nooit doen. Helaas zijn deze laatste haast niet te vinden. Daarom werd gefocust op de leeftijd waarop vrouwen een beha begonnen te dragen, de cupmaat en het al dan niet kiezen voor een beugelbeha.

Het onderzoek vond iets meer invasieve (agressieve) borstkankers bij vrouwen met cupmaat A, maar dit verschil was vrij klein en onbetrouwbaar, omdat slechts een beperkt aantal vrouwen met cupmaat A aan de studie deelnamen. In de groep vrouwen met borstkanker vond men wel wat meer vrouwen die hormoonsubstitutie gebruiken, een familiale voorgeschiedenis hebben voor borstkanker en geen kinderen hebben. Maar deze risicofactoren zijn al langer bekend.

Conclusie

Er is geen enkele indicatie dat een beha dragen het risico op borstkanker zou verhogen.

Referenties

http://www.nhs.uk/news/2014/09September/Pages/Wearing-a-bra-doesnt-raise-breast-cancer-risk.aspx

klokje bij datum van publicatie verschenen op 11/09/2014 | Cebam | bewerkt door Marleen Finoulst