Griep

Wat is het?

Griep wordt veroorzaakt door een virus dat wordt verspreid door de lucht en door direct contact met besmette personen (hoesten, niezen, een hand geven enzovoort). Na besmetting duurt het 1 tot 4 dagen voor de klachten beginnen.

Hoe vaak komt het voor?

Griep komt meestal voor in de winter en de vroege lente. Elke winter krijgt gemiddeld 1 op de 10 mensen griep. De ernst varieert van gewone verkoudheidsklachten tot een ernstige infectie met dodelijke afloop. Elk jaar sterven er nog honderden mensen aan griep. Doorgaans zijn dit mensen met een zwakkere weerstand zoals ouderen en chronisch zieken.

Hoe kun je het herkennen?

Griep duurt doorgaans 3 tot 7 dagen, en wordt gekenmerkt door koorts boven de 38°, spierpijn, hoofdpijn, rillingen, een algemeen ziektegevoel, zweten en uitputting. Droge hoest, keelpijn, afkeer van fel licht en gewrichtspijn kunnen ook voorkomen.
Infecties van de luchtwegen zoals een longontsteking behoren tot de meest voorkomende complicaties. De longontsteking kan veroorzaakt worden door het virus zelf of door bacteriën. Ontsteking van de hartspier en stoornissen van het zenuwstelsel zijn zeldzame gevolgen.
Bij kinderen is het vaak moeilijk om griep te onderscheiden van een gewone verkoudheid.

Hoe stelt je arts de aandoening vast?

Je arts zal je grondig ondervragen en onderzoeken. Het beluisteren van de longen is belangrijk om een longontsteking te herkennen. Bij kinderen worden, om een oorontsteking uit te sluiten, ook de oren onderzocht. Meestal is dit voldoende om de diagnose te stellen.
In sommige gevallen gebeurt er een bloedonderzoek en bij hartklachten kan er een elektrocardiogram (ECG) gemaakt worden. Hierbij worden elektroden op het lichaam geplaatst om de elektrische activiteit van het hart te meten.

Wat kun je zelf doen?

Als je tot een risicogroep behoort, is het aanbevolen je elk jaar, tussen midden oktober en half november, te laten vaccineren tegen griep. Dit is belangrijk omdat er elk jaar nieuwe varianten van het griepvirus opduiken. Indien je tot een risicogroep behoort, wordt het vaccin deels door de overheid terugbetaald. Sommige mutualiteiten en werkgevers voorzien zelfs een extra tussenkomst. De vaccinatie gebeurt meestal met een inspuiting in de schouderspier. Bespreek met je arts of je tot een risicogroep behoort.
Groepen die in aanmerking komen voor terugbetaling in België zijn:
– personen van 50 jaar of ouder;
– personen die lijden aan een van de volgende chronische ziekten: hart-, long- of nieraandoeningen, diabetes, hemoglobinopathie (stoornis van de rode bloedcellen);
– personen met een verminderde weerstand (bijvoorbeeld aidspatiënten, mucoviscidosepatiënten, personen met het syndroom van Down, enzovoort);
– professionele kwekers van gevogelte en/of varkens en hun gezinsleden die onder hetzelfde dak leven, en personen die beroepshalve dagelijks in contact komen met levend gevogelte en varkens;
– personen die behoren tot het verzorgend personeel en die in direct contact komen met personen met een verhoogd risico op complicaties (rusthuispersoneel, artsen enzovoort);
– zwangere vrouwen na het eerste trimester van de zwangerschap;
– personen opgenomen in een instelling;
– kinderen tussen 6 maanden en 18 jaar die een langdurige acetylsalicylzuurtherapie (wetenschappelijke naam voor aspirinetherapie) ondergaan.

Bedenk dat je besmettelijk bent vanaf een dag vóór je ziek bent tot een week na het begin van de ziekte. Ook als je niet gevaccineerd bent, zijn er enkele maatregelen die je kans op griep of de kans dat je iemand anders besmet, verkleinen:
– handen goed wassen,
– het gebruik van een mondmasker,
– hand of zakdoek voor de mond houden tijdens hoesten of niezen,
– zakdoeken maar één keer gebruiken,
– harde oppervlakken, deurklinken en keukenapparatuur regelmatig poetsen met een gewoon schoonmaakproduct,
– je arts raadplegen bij klachten.

Wat kan je arts doen?

Je arts zal vooral de nadruk leggen op preventie en de risicogroepen aansporen zich te laten vaccineren. Indien er toch griep wordt vastgesteld, dan is de standaardbehandeling paracetamol en rust. Ontstekingsremmers worden ook gebruikt. Aspirine wordt bij kinderen en adolescenten niet aanbevolen. Antibiotica hebben geen zin omdat griep veroorzaakt wordt door een virus en antibiotica alleen bacteriën doden. Indien er een bijkomende bacteriële infectie is, kunnen ze wel gebruikt worden. Er zijn enkele antivirale middelen op de markt. Het nut van deze geneesmiddelen is nog steeds onduidelijk. Voor- en nadelen moeten door je arts afgewogen worden.

Bronnen

www.ebmpracticenet.be

www.bcfi.be

www.griepvaccinatie.be

verschenen op 06/12/2013
Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s