Enkelverstuiking

Wat is het?

Een enkelverstuiking of -verzwikking is een letsel van de enkel waarbij de gewrichtsbanden rond de enkel uitgerekt of gescheurd zijn.

Hoe vaak komt het voor?

Een enkelverstuiking is de meest voorkomende blessure van het bewegingsapparaat en is goed voor 20 à 30% van alle letsels ten gevolge van lichaamsbeweging. Het komt zeer vaak voor bij basketbalspelers en voetballers.

Hoe kun je het herkennen?

Na het verstuiken van de enkel heb je pijn en zwelt de enkel. Soms is er een bloeduitstorting op de plaats van het letsel.

Hoe stelt je arts de aandoening vast?

Je arts zal vragen wat er voor de verstuiking precies is gebeurd. Tijdens een grondig klinisch onderzoek bekijkt hij zowel binnen- als buitenkant van de enkel om de zwelling en eventuele bloeduitstorting te beoordelen. Hij voelt ook aan de enkel en controleert de stabiliteit van het gewricht, en gaat na of de verbinding tussen kuit- en scheenbeen nog intact is (syndesmoseletsel).
Ben je niet in staat om vier stappen te zetten, is je buiten- of binnenenkel, voetbot of bot aan de basis van de kleine teen gevoelig, dan zal hij een radiografie van de enkel aanvragen.
In geval van een gevoel van blokkage of van continue zwelling van het gewricht in een later stadium (minstens 6 weken na het ongeval), kan het zijn dat er sprake is van kraakbeenbeschadiging. Dit is dan een reden om een CT- of MRI-scan te laten nemen.

Wat kun je zelf doen?

Na de verstuiking leg je het best ijs op de enkel en leg je het been omhoog (hoogstand).

Wat kan je arts doen?

Op basis van je verhaal, het klinisch onderzoek en de eventuele radiografie zal de arts de ernst van de verstuiking inschatten.
In het begin (eerste 3 dagen) is het nuttig om de enkel te immobiliseren met een afneembare orthese om zijwaartse draaibewegingen te vermijden. Langdurige immobilisatie in een gipsverband heeft geen meerwaarde. Ook tapen is niet aanbevolen; het kan immers aanleiding geven tot huidproblemen. Tijdens deze eerste dagen na de verstuiking mag je je voet (en tenen) binnen de pijngrenzen bewegen. Vermijd ook belasting van de enkel.
Tussen dag 4 en 10 mag je steeds meer steunen op de voet. Je zult overigens merken dat dat steeds beter begint te gaan. Het afwikkelen van de voet gaat vaak nog moeizaam.
Vanaf dag 11 wordt aangeraden om snel met oefeningen te beginnen. Dat zijn dan vooral stretchoefeningen van de kuit en spierversterkende oefeningen die het gewricht helpen te stabiliseren. Van zodra je terug in staat bent om het gewricht zonder pijn te belasten en de voet goed af te wikkelen (gemiddeld na een drietal weken), kun je starten met oefeningen voor de positie (dit is het opnieuw leren stabiliseren van de enkel) en de coördinatie. Bij atleten zijn deze oefeningen aangepast aan de sport die ze beoefenen.
Om nieuwe letsels te vermijden, is het belangrijk om de revalidatie goed te doorlopen. Mensen met meerdere enkelverstuikingen in het verleden, overwegen best om tijdens het sporten enkelondersteuning te dragen. Dit voorkomt zijwaartse rotatie.
Slechts in uitzonderlijke gevallen is een heelkundige ingreep (chirurgie) nuttig.

Bronnen

www.ebmpracticenet.be
www.domusmedica.be

verschenen op 09/01/2015
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s